Slechts vijf procent werkgevers biedt 57 procent arbeidsbeperkten baan

Vijf procent van de werkgevers heeft 57 procent van de mensen met loonkostensubsidie in dienst. Het overgrote deel van de ondernemers geeft meestal maar één werknemer met een arbeidsbeperking een baan.

Een kleine groep bedrijven lijkt bijna het gehele banenplan voor arbeidsbeperkten op zijn schouders te nemen. Uit onderzoek gedaan in opdracht van Cedris, de vereniging voor sociale werkgelegenheid, blijkt dat vijf procent van de werkgevers verantwoordelijk is voor ruim de helft van alle mensen die met een loonkostensubsidie aan het werk zijn.

Niet goed of slecht
Cedris-directeur Jan-Jaap de Haan kan geen duidelijk antwoord geven op de vraag of dit nu goed of slecht nieuws is.: “Deze ontwikkeling is natuurlijk wel nodig om uiteindelijk 125.000 mensen met een beperking een werkplek te kunnen bieden. Het is goed om te zien dat veel sociale ondernemingen zoals Happy Tosti en Rataplan een succes zijn. Door de grote omvang is het ook mogelijk om goed begeleiding te bieden aan deze mensen.” Tegelijkertijd was het idee achter de Participatiewet dat iedereen overal mee moet kunnen doen, en nu lijkt het erop alsof deze groep mensen weer in groten getale ergens werken met en bij elkaar. 1 procent van de werkgevers heeft vijftig personen of meer in dienst waarvoor zij loonkostensubsidie krijgen omdat deze mensen een lagere productiviteit hebben. Dat zijn vaak supermarkten, uitzendbureaus, overheidsorganisaties en de sociale werkbedrijven zelf.

Kwetsbaar
Driekwart van de bedrijven die zich inzetten voor een inclusieve arbeidsmarkt heeft maar één arbeidsbeperkte aan het werk, blijkt uit het rapport ‘Wie is de werkgever?’ van organisatieadviseur De Haan van Cedris: “Vanuit het oogpunt van een inclusieve arbeidsmarkt is het mooi dat zoveel ondernemers bereid zijn een arbeidsbeperkte een kans te geven, maar het is ook kwetsbaar. Wat als die ene stopt? Houdt het dan op? En waarom nemen ze geen tweede of derde? Is er niet meer werk voor arbeidsbeperkten of is het te ingewikkeld om te regelen?” Dat wil Cedris nog verder uitzoeken, en in ieder geval in de gaten houden.

Bijna niemand
Uit het onderzoek blijkt ook dat sommige sectoren bijna geen mensen met een arbeidsbeperking aan het werk hebben, zoals financiële instellingen en ook de bouw. De bouw heeft daar vaak valide argumenten voor, omdat het voor veel mensen met een beperking moeilijk is om de vereiste veiligheidscertificaten te halen. Toch vindt Cedris dat alle beroepsgroepen hun best moeten doen om van de Participatiewet een succes te maken. Wat Cedris ook opvallend vindt, is dat de overheid een grote rol speelt bij het bieden van werk aan mensen met een loonkostensubsidie.

Berekeningen niet te begrijpen
Bijna een kwart van de mensen met een beperking die sinds 2015 bij de gemeente aanklopt voor hulp, wordt ook bij de overheid geplaatst, bijvoorbeeld in de gezondheidszorg. “Dit blijkt nooit uit de cijfers die het ministerie van sociale zaken presenteert”, zegt De Haan. De berekeningen van het ministerie zijn eigenlijk voor niemand te begrijpen. Daarom wilde Cedris het zelf eens in kaart brengen. Daaruit blijkt dat het ministerie in zijn tellingen de sociale werkbedrijven en instellingen in de gezondheidszorg en welzijn niet tot de overheidssector laat horen. Dan kom je op een veel kleinere rol voor die overheid uit. Het bedrijfsleven moppert daar vervolgens op. De Haan: “Uit dit onderzoek blijkt dat er veel meer overheidswerkgevers zijn die zich inzetten voor het banenplan.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *